Dirk thienpont

Dirk thienpont

Dirk thienpont (1971)

Ik speel graag.

Met mijn handen en mijn ogen. Die gaan vaak uit wandelen. Zonder tussenkomst van mijn verstand of wil. En daar sta ik dan, als verwonderde getuige van mijn eigen innerlijke roerselen die zich een uitweg zoeken. Ernaar kijken is een al even grote ontdekkingsreis als het creëren zelf. Diep kijken, zoals ik ook diep graaf in mijn ziel. Het beeld dat opdoemt, in een roes van doen-doen-doen, begrijp ik pas achteraf. Op dat moment geef ik er ook een titel aan, die me een sleutel tot diepere lagen van mezelf geeft.

Hoe is dit spelen begonnen? In 2008, verloren in een Indische hotelkamer, tobbend over wat ik met mijn leven moest aanvangen. Toen werd ik plots uitgenodigd door twee geweldige zielen, met wie ik me een maand lang opsloot, in spelenderwijze ontmoetingen met verf en elkaar. Of een jaar later, toen ik drie maand met mijn scooter en eigen materiaal kinderen in de sloppenwijken uitnodigde met mij te schilderen. Er kwam een boeiend uitwisselingsproject met Belgische kinderen uit de academie van. Die academie maakte me bewust van de kennis en de mogelijkheden waarvan ik reeds gebruik maakte. Want zoals in alles, ben ik ook in schilderen een autodidact. Het leven, vaak hard, heeft me een weg getoond vanuit de diepte. en met een grote honger doen groeien naar mezelf. Wat me afgeleerd is als kind, neem ik nu lekker terug.

Spelen dus. Als een onbezonnen kind. Een serieus spel wel, want zoals ik me zie, wil ik ook gezien worden. Tomeloos en autonoom schilder ik mijn gevoel, kwetsbaarheid, kracht en onbewuste, waar woorden en denken nog niet bij kunnen. Zelfs deze woorden niet.

Mijn werk is ook een manier, een noodzaak om als levenskunstenaar in de huidige, soms wel harde maatschappij, mijn binnenwereld te exploreren en te koesteren. Een dagboek, een spiegel. Vol krassen soms, soms helder, soms donker. Dan moet ik de spiegel in de spiegel bekijken, steeds dieper. Tot waar het kan helen, kan transformeren.

Ik hou niet zo van etiketten, en wil zelf ook niet in een vakje gestoken worden maar toch kan je vier stijlen in mijn werk onderscheiden.

1. De cirkels, mandala’s misschien. Ik creëerde hiervoor een heuse machine. Dit is echt spelen, tot rust komen met kleur en hun onderlinge relatie. Pure magie. Het resultaat ervan zijn mijn meditatie-cirkels, waar ik uren in kan staren, mezelf verliezen. Maar er hernieuwd uitkomen. Ze zuigen aan me, het laat me niet meer los. Op klein of groot formaat, de essentie blijft dezelfde.

2. Mijn abstracte, intuïtieve werken. Waar ik en jij toch ook weer zoveel in kunnen zien. Als het wit doek me daar zo aanstaart, moet ik toch steeds een drempel -mijn faalangst- overwinnen om uit mijn hoofd te geraken en vanuit mijn gevoel gewoon te doen. Zonder nadenken of houvast geef ik me over aan de verwonderingen van mijn innerlijke wereld. Deze werken openen een grote deur naar de vrijheid in mij. Vol passie ga ik met verf tekeer, ga ik er helemaal in op. Dat geeft me een enorme vreugde en blijdschap. Ik schilder, en overschilder, ontdek steeds nieuwe elementen in nieuwe periode. 

Iedere “fout” die ik maak is een inspiratie, een verleiding voor een creatief alternatief.

3. Mijn minimalistische werken. Met zo weinig mogelijk beweging een sterk beeld krijgen. Vanuit één adem, al is het soms met ingehouden adem en sterke focus. In deze werken breng ik ook steeds dat focuspunt aan, een accent dat een sterk effect heeft op het geheel.

4. Mijn gekraste zielen, een serie werken die ontstaan is in 2006. Ik legde toen de pijn van traumaverwerking die ik doorleefde vast op foto. Pas in 2011 gebruikte ik die foto’s als inspiratiebron om de transformatie van kwetsbaarheid naar kracht weer te geven. De sterke en indringende werken laten dit ook zien. Het krassen zelf geeft mij nog steeds bij ieder werk een ontladen gevoel.

Zo vind ik mij, en vind ik ook jou. In het samen kijken, samen beleven, samen schilderen misschien. Welkom in mijn wereld, welkom in mijn atelier.

9000 Gent